Etiket sjablonen
Laatst bijgewerkt
Laatst bijgewerkt
Ga naar Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Etiketinstellingen ā Etiketsjablonen in het menu.
In het onderstaande voorbeeld is het onderdeel Etiketsjablonen afgebeeld.
In dit voorbeeld zijn er meerdere sjablonen aangemaakt. Voor nieuwe artikelen of recepten is een placeholdersjabloon (Nieuw artikel) ingesteld als het standaard sjabloon. Dit is niet noodzakelijk, maar zorgt er wel voor dat u altijd een etiket kunt genereren..
Code
Elk sjabloon moet een unieke code krijgen. Deze mag door de gebruiker zelf bepaald worden.
Naam
Het sjabloon moet een naam krijgen.
Nutrient formattering
Nutrient samenvoeging
Nutrient vermelden
Nutrient niet vermelden
Zie nutriƫnt vermelden.
Nutrient groepering
Nutrient analyse zichtbaar
Het is mogelijk om nutriƫnten zonder gehalten, met gehalten en zonder eenheid en met gehalten en eenheid af te drukken.
Grondstof titel
Grondstof samenvoeging
Grondstof vermelden
Grondstof niet vermelden
Zie grondstof vermelden.
Grondstof procenten zichtbaar
Het is mogelijk om de grondstoffen met de percentages af te drukken.
Grondstof afronding
Als de grondstof in procenten zichtbaar is, kan in dit onderdeel de afronding gekozen worden.
Grondstof a.d. comma
Als de grondstof in procenten zichtbaar is, kan in dit onderdeel de formattering gekozen worden.
Land
-
Taal
Er kunnen meerdere talen geselecteerd worden. Standaard worden de talen op 1 etiket afgedrukt.
Etiket per taal
Indien er meerdere talen gekozen zijn wordt er per taal een etiket afgedrukt.
Vaste teksten sjabloon
obv actuele matrix
Receptnummer zichtbaar
Het receptnummer kan dan wel afgedrukt of weggelaten worden. Aangevinkt is zichtbaar.
Receptnaam zichtbaar
De receptnaam kan dan wel afgedrukt of weggelaten worden. Aangevinkt is zichtbaar.
Scheidingsteken
Het standaard scheidingsteken tussen de grondstoffen en nutriƫnten is puntkomma. Er mag een ander teken gebruikt worden.
Bij het instellen van de analyseopties in Micromix zijn er twee mogelijke instellingen: de optie kan aan- of uitgevinkt worden. Elke keuze heeft specifieke gevolgen voor de analyse en weergave van nutriƫntengehalten op etiketten.
Optie Uitgevinkt
Wanneer deze optie is uitgevinkt, gebruikt Micromix de analysegegevens uit de Mengopdracht. Dit betekent dat uitsluitend de nutriƫnten en analyses uit de Mengopdracht worden meegenomen. De gehalten zijn historisch en beperkt tot de nutriƫnten die in de Mengopdracht aanwezig zijn.
Deze instelling zorgt voor een consistente werkwijze. De gegenereerde etiketten zijn volledig herleidbaar naar de oorspronkelijke gegevens, waardoor het etiket in de fabriek en de administratie exact overeenkomt. Ook de MINAS-gehalten blijven gelijk aan de oorspronkelijke waarden. Optie Aangevinkt
Indien deze optie is aangevinkt, berekent Micromix de analyse opnieuw op basis van de actuele Grondstoffenmatrix, met de Mengopdracht als uitgangspunt. In tegenstelling tot de uitgevinkte optie worden nu alle nutriƫnten opnieuw berekend, en deze waarden worden gebruikt voor het etiket.
Belangrijk om te weten is dat de berekende waarden niet worden opgeslagen. Het aanvinken van deze optie kan invloed hebben op onder andere de MINAS-gehalten en vaste teksten. Bij het exporteren van het etiket worden de MINAS-waarden uit de Mengopdracht gebruikt, aangezien dit de historisch opgeslagen waarden zijn.
Voorbeeld
De berekende waarde van RE is 130 g/kg.
De in de Mengopdracht opgeslagen waarde van RE is 125 g/kg.
Op het etiket zal 130 g/kg worden weergegeven, maar bij de MINAS-waarden blijft 125 g/kg staan.
Belang van Nutriƫntvoorwaarden
Bij het koppelen van vaste teksten aan nutriƫnten via nutriƫntvoorwaarden moet rekening worden gehouden met mogelijke afwijkingen.
Indien nutriƫntvoorwaarden worden gebruikt om vaste teksten te koppelen aan specifieke diersoorten, kan dit tot onverwachte resultaten leiden. Bijvoorbeeld:
Een vaste tekst is gekoppeld aan een minimum- of maximumvoorwaarde van een nutriƫnt.
Dit nutriƫnt is niet aanwezig in de Mengopdracht.
Wanneer de optie is aangevinkt, wordt dit nutriƫnt alsnog berekend en opgenomen in de dataset voor het genereren van het etiket.
Hierdoor kan de gekoppelde vaste tekst onbedoeld op het etiket verschijnen.
Houd bij het instellen van de analyseopties dus rekening met de mogelijke gevolgen voor de weergegeven waarden en gekoppelde teksten.
Om de label informatie in de administratie te vernieuwen moet er een nieuwe mengopdracht gemaakt worden. Deze moet vervolgens geexporteerd worden naar de administratie.
De eenvoudigste manier om een nutriĆ«ntformattering te wijzigen, is door het etiketsjabloon in de bewerkmodus te zetten, op de keuzelijst (combobox) te klikken en vervolgens rechtsboven in het scherm op de knop Spring te klikken. Zo opent Micromix direct het juiste onderdeel. U kunt deze functionaliteit ook benaderen via Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā NutriĆ«ntformatteringen.
Klik op de "Wijzigen" knop.
Klik op de "Nutriƫnt formattering" combobox om deze te selecteren.
Klik op de knop "Spring" om naar dit onderdeel te navigeren.
In figuur 4 zijn meerdere formatteringen zichtbaar. Deze formatteringen bepalen hoe de nutriƫnten op het etiket worden weergegeven. Elk nutriƫnt krijgt een eigen regel. Wanneer er een nieuw nutriƫnt wordt aangemaakt, wordt er automatisch een nieuwe formatteringsregel voor aangemaakt. In de onderstaande tabel vindt u de uitleg van de kolommen.
Code
Dit is veld geeft de nutriƫnt code weer.
Naam
Dit veld geeft de nutriƫnt naam weer.
Afronding
De afronding werkt als volgt: 10 is op tientallen, 1 is op helen, 0,1 is op tienden en 0,01 is op honderdsten. Als er niets ingevuld is dan is honderdsten de standaard.
Achter de komma
Achter de komma wil zeggen met hoeveel decimalen het getal zichtbaar wordt op het etiket. Als RE uit komt op 34,15 dan is 0 = 34, 1 = 34,1 en 2 = 34,15.
Eenheid
Het is mogelijk om de eenheid te wijzigen. Bijv. de standaard is mg/kg, maar er moet g/kg afgedrukt worden. Bij factor moet je daar 0.001 invoeren.
Weergeven
Er zijn 3 opties mogelijk. Nul onderdrukken, altijd weergeven en altijd weergeven - zonder waarde.
Factor
Zie eenheid
Vaste waarde
Het is mogelijk om en bepaald nutriƫnt altijd een vaste waarde te geven. Bijv. VEM 940.
NutriĆ«ntsamenvoegingen zorgen ervoor dat groepen nutriĆ«nten onder Ć©Ć©n overkoepelende naam op het etiket worden vermeld. Zet het sjabloon in de bewerkmodus en klik in de keuzelijst NutriĆ«nt samenvoeging op het gewenste blok. Gebruik vervolgens de knop Spring om direct naar het betreffende onderdeel te navigeren. U vindt dit onderdeel ook via Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā NutriĆ«nt samenvoeg-sjablonen.
In dit voorbeeld is het nutriƫnt ONB gekoppeld aan het nutriƫntenblok qv012 ONB. Hierdoor worden alle nutriƫnten binnen dit blok op het etiket als ONB weergegeven en worden de waardes bij elkaar opgeteld.
Klik op Wijzigen en selecteer het gewenste nutriĆ«ntenblok. Klik vervolgens op de knop Spring om direct naar het blok te navigeren. In figuur 6 ziet u hoe zoān nutriĆ«ntenblok is opgebouwd. Raadpleeg het onderdeel Blokken voor meer informatie over het beheer van blokken.
Standaard worden alle nutriĆ«nten die in een van de groepen in het onderdeel NutriĆ«ntgroepering zijn ondergebracht, op het etiket afgedrukt, mits deze nutriĆ«nten in de mengopdracht voorkomen. Echter, wanneer u een NutriĆ«nt vermelden-blok selecteert, worden uitsluitend de nutriĆ«nten uit dat blok afgedruktāmits ze ook in de mengopdracht staan. Deze optie heeft voorrang op de standaard NutriĆ«ntgroepering.
Een voorbeeld: Methionine is ingedeeld in de groep Analytische bestandsdelen en komt voor in de mengopdracht. Als u vervolgens een Nutriƫnt vermelden-blok gebruikt waarin Methionine niet is opgenomen, wordt Methionine niet afgedrukt.
In figuur 7 wordt het sjabloon gebruikt voor aanvullend voer voor melkvee, waarbij het blok qn200 melkvee is geselecteerd. Klik op Wijzigen en kies Nutriƫnt vermelden/niet vermelden om een blok te selecteren. Vervolgens kunt u met de knop Spring direct naar dit onderdeel navigeren. Raadpleeg het onderdeel Blokken voor meer informatie over het beheer hiervan.
De nutriƫntgroeperingen worden gebruikt om nutriƫntenblokken aan de juiste groepen te koppelen. De groepen zijn in principe de wettelijke nutriƫntgroepen (bijvoorbeeld Analytische bestandsdelen), maar u kunt naar wens extra groepen aanmaken.
Klik op Wijzigen en selecteer de gewenste nutriĆ«ntgroepering. Klik vervolgens op de knop Spring om naar dit onderdeel te navigeren. U kunt dit onderdeel ook vinden onder Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Etiketinstellingen ā NutriĆ«nt groepeer sjablonen.
Dit onderdeel bestaat uit vier kolommen (zie figuur 8).
Veld
Dit is veld geeft het veld nummer weer.
Nutriƫnten groepen
De nutriƫnten groepen dienen eerst aangemaakt te worden. Ga naar "Vaste gegevens - Etiket/Documenten - Etiket instellingen - Nutriƫnt groeperingen om de groeperingen aan te maken. Deze groepen zijn o.a. nodig om de vertaling ervan te kunnen maken.
Nutriƫntenblok
Hoofd
Het is wettelijk noodzakelijk om een titel boven de toevoegingsmiddelen te plaatsen. Ga naar "Vaste gegevens - Etiket/Documenten - Etiket instellingen - Nutriƫnt groeperingshoofd" om de tekst in te geven en te vertalen. Selecteer de groepen waar deze titel boven moet komen te staan. De titel wordt maar 1x vermeld.
Een grondstoftitel is de koptekst die boven de samenstelling wordt weergegeven. Klik op Wijzigen en selecteer Grondstof titels om een titel te kiezen. Gebruik vervolgens de knop Spring om naar dit onderdeel te navigeren.
In het voorbeeld in figuur 9 zijn twee titels aangemaakt. Daarbij is een token gebruikt: {mng_versie}, wat het versienummer van de mengopdracht weergeeft. Meer informatie over het gebruik van tokens vindt u elders in deze handleiding.
U kunt dit onderdeel ook benaderen via Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā Grondstof titel.
Met het onderdeel Grondstof samenvoeging kunt u groepen grondstoffen onder Ć©Ć©n overkoepelende naam op het etiket laten verschijnen. Zet het sjabloon in de bewerkmodus en selecteer in de keuzelijst Grondstof samenvoeging het gewenste sjabloon. Klik vervolgens op Spring om naar het bijbehorende scherm te gaan (zie figuur 10).
Dit onderdeel is ook terug te vinden via Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā Grondstof samenvoeg-sjablonen.
Er kunnen meerdere sjablonen worden aangemaakt, waarbij per sjabloon verschillende samenvoegingen mogelijk zijn. Geef elk sjabloon een Code en een Naam. Vervolgens kunt u in de kolom Code een grondstof selecteren, die gekoppeld moet worden aan een grondstoffenblok. Alle grondstoffen binnen dit blok worden dan samengevoegd onder de geselecteerde grondstof. Klik op het blok om het te selecteren en klik daarna op Spring om direct naar het betreffende blok te gaan. Raadpleeg het onderdeel Blokken voor meer informatie over het beheer van deze blokken.
Standaard worden alle grondstoffen uit de samenstelling afgedrukt. Met het onderdeel Grondstof vermelden kunt u dit echter wijzigen door een blok met grondstoffen te selecteren die wƩl op het etiket moeten verschijnen. Alleen grondstoffen die overeenkomen met dit vermelden-blok, worden dan op het etiket afgedrukt. Hetzelfde principe geldt voor niet vermelden. Alle grondstoffen uit het niet-vermeldenblok worden juist niet op het etiket getoond.
Zet het sjabloon in de Wijzigen-modus, klik in de keuzelijst Grondstof vermelden/niet vermelden om het gewenste blok te kiezen en gebruik de knop Spring om naar dit blok te navigeren. Raadpleeg opnieuw het onderdeel Blokken om te lezen hoe blokken beheerd kunnen worden.
Onder Vaste tekstsjablonen bepaalt u welke vaste teksten op het etiket worden afgedrukt. Er zijn standaard enkele velden beschikbaar. Deze velden kunnen op verzoek worden uitgebreid of verplaatst. Houd er rekening mee dat het rapport en de export aangepast moeten worden als er nieuwe velden worden toegevoegd. Deze aanpassingen worden door Koerhuis verzorgd. Overleg daarom altijd met een medewerker van Koerhuis voordat u extra velden aanmaakt.
rcp
Receptveld
In dit veld staan het receptnummer en de naam
2e veld
gst
Grondstofvelden
In dit veld staan alle grondstoffen (samenstelling) en de titel.
4e veld
nut
Nutriƫntvelden
In dit veld staan de nutriƫnt groeperingen en de titels.
3e veld
01
Vaste tekst boven (vet)
In dit veld staan vaste teksten. Meestal het adres.
1e veld bovenaan het etiket.
02
Vaste tekst onder (vet)
In dit veld staan vaste teksten. Meestal de houdbaarheidstekst
5e veld
03
Vaste tekst onder
In dit veld staan vaste teksten. Meestal de gebruiksaanwijzing.
6e veld
Zet het sjabloon in de Wijzigen-modus en kies in de keuzelijst Vaste teksten sjabloon een sjabloon. Klik vervolgens op de knop Spring om naar het betreffende onderdeel te navigeren. Hierop verschijnt het scherm uit figuur 12. In dit voorbeeld zijn meerdere sjablonen voor vaste teksten aangemaakt.
U vindt dit onderdeel ook via Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā Vaste teksten sjablonen.
Veld
Hier moet het etiket veld geselecteerd worden. Dit bepaalt de plek van de tekst op het etiket.
Tekst
Hier moet de vaste tekst geselecteerd worden. Dit bepaalt welke tekst er in het veld geplaatst moet worden.
Volgende
Hiermee kan de volgorde van de vaste teksten op het etiket bepaald worden.
Nutriƫnt
De nutriƫnteis voorwaarde. Als een nutriƫnt op het label zich binnen de min of max opgegeven waarde bevindt, dan wordt de tekst afgedrukt.
Nutriƫntenblok
De nutriƫntenblok voorwaarde. Als een nutriƫnt op het label zich in het blok bevindt, dan wordt de tekst afgedrukt.
Grondstof
De grondstofeis voorwaarde. Als een grondstof op het label zich binnen de min of max opgegeven waarde bevindt, dan wordt de tekst afgedrukt.
Grondstoffenblok
De grondstoffenblok voorwaarde. Als een grondstof op het label zich in het blok bevindt, dan wordt de tekst afgedrukt.
Recept
De recept voorwaarde. Als het receptnummer gelijk is met het recept op het label, dan wordt de tekst afgedrukt.
Receptenblok
De receptenblok voorwaarde. Als een grondstof op het label zich in het blok bevindt, dan wordt de tekst afgedrukt.
Diergroep
Relatie
Locatie
Marker
De marker is symbool wat als voetnoot gebruikt wordt. Bijv. (1)
Begin met het toekennen van een veld aan de vaste-tekstregel. Klik op de keuzelijst Veld, waarna het scherm uit figuur 13 wordt geopend. Selecteer het veld waarin u de gewenste tekst wilt plaatsen.
Daarna selecteert u de vaste tekst die in het eerder gekozen veld moet worden weergegeven. Klik in de kolom Tekst op de keuzelijst om een vaste tekst te kiezen. De vaste teksten vindt u onder Vaste gegevens ā Etiket/Documenten ā Algemeen ā Vaste teksten.
Standaard wordt de tekst afgedrukt tenzij er een voorwaarde aan hangt. Zie tabel voorwaarden. In figuur 15 zijn 2 voorbeelden van het gebruik van voorwaarden afgebeeld en uitgelegd.
Voorwaarden voor het afdrukken van teksten Standaard wordt een tekst altijd afgedrukt, tenzij er een voorwaarde aan is gekoppeld (zie tabel). In figuur 15 zijn twee voorbeelden te zien van het gebruik van deze voorwaarden:
Tekst [1]: De tekst ā1) Geprod. met GMO Sojabonenā is gekoppeld aan het grondstoffenblok āQ101 Grondstof_soja...ā. Dit betekent dat deze tekst alleen wordt afgedrukt als er op het etiket een grondstof voorkomt die eveneens in dit grondstoffenblok is opgenomen (bijvoorbeeld soja).
Tekst [2]: De tekst āMax Urea-N in Rantsoenā is gekoppeld aan nutriĆ«nt 1550, Ureum. Wanneer de waarde van dit nutriĆ«nt op het etiket boven het minimum van 0,01 uitkomt, wordt deze tekst afgedrukt.
Niet alle gegevens zijn statisch; sommige zijn variabel. Een voorbeeld hiervan is de houdbaarheidsdatum. Bij het afdrukken of exporteren van het etiket worden dergelijke gegevens geactualiseerd. In het voorbeeld in figuur 16 worden in een vaste-tekstregel de tokens {datum_houdbaar} en {charge_nr} gebruikt. Dat betekent dat:
{datum_houdbaar}: De houdbaarheidsdatum wordt tijdens het printen of exporteren automatisch berekend en op het label geplaatst.
{charge_nr}: Het chargenummer is een nummer dat kan worden opgegeven in het onderdeel Etiketten printen.
In het onderdeel Vaste teksten vindt u alle beschikbare tokens via de knop Tokens rechts bovenin het scherm. In figuur 17 ziet u welke tokens dit zijn. Door op een token te klikken, wordt deze automatisch naar het klembord gekopieerd, waarna u het token in de vaste-tekstregel kunt invoegen.
In dit onderdeel kan er voor een nutriƫnt formattering gekozen worden. Lees meer over Nutriƫnt formatteringen.
Het is mogelijk om een blok nutriƫnten met 1 naam op het etiket te laten verschijnen. hier meer over Nutrient samenvoegingen.
Het is mogelijk om een blok nutriƫnten expliciet op het etiket te vermelden. Lees meer over Nutriƫnt vermelden en niet vermelden.
Nutriƫnten moeten worden gegroepeerd op het etiket. In dit onderdeel moeten de nutriƫnt groepen aan de nutriƫnt blokken worden gekoppeld. Lees meer over Nutriƫnt groeperingen.
De grondstof titel is het kopje wat boven de groep grondstoffen (samenstelling) komt te staan. Lees meer over de Grondstof titel.
Het is mogelijk om een blok grondstoffen met 1 naam op het etiket te laten verschijnen. Lees meer over Grondstof samenvoegingen.
Het is mogelijk om een blok grondstoffen expliciet op het etiket te vermelden. Lees meer over Grondstof vermelden en niet vermelden.
Om vaste teksten op het etiket te presenteren moet er een vaste teksten sjabloon aanwezig zijn. hier meer over Vaste teksten sjablonen.
Let op! Dit is een belangrijke optie. Lees meer!
De nutriƫnt groepen moeten worden gekoppeld aan nutriƫntenblokken om ervoor te zorgen dat de nutriƫnten die in het nutriƫntenblok zitten in de juiste groep op het etiket vermeld worden. Selecteer een regel. Klik op de knop "Spring" om naar dit onderdeel te navigeren. Zie om te lezen hoe blokken beheerd moeten worden.
De diergroep voorwaarde. Als aan het recept van het label hetzelfde diergroep hangt, dan wordt de tekst afgedrukt. Zie voor het koppelen van diergroepen.
De relatie voorwaarde. Als aan het recept van het label dezelfde relatie hangt, dan wordt de tekst afgedrukt. Zie voor het koppelen van relaties.
De locatie voorwaarde. Als aan het recept van het label dezelfde locatie hangt, dan wordt de tekst afgedrukt. Zie voor het koppelen van locaties.